‘Spreid uw schenking over meerdere jaren’ staat in vrijwel elke folder over schenkbelasting. Het is goed advies. Maar het bedrag dat eronder hangt, staat er bijna nooit bij, en juist dat bedrag bepaalt of spreiden de moeite waard is of administratieve drukte zonder winst.
Dus hier het bedrag. Wie in 2026 € 100.000 in één keer aan een kind schenkt, betaalt € 6.687,10 schenkbelasting. Wie hetzelfde bedrag gespreid overdraagt, betaalt nul. Het verschil is een keuze, geen toeval, en het kost elf jaar geduld.
Waarom spreiden werkt.
De jaarvrijstelling is geen reserve die je opspaart, maar een tegoed dat elk jaar opnieuw verschijnt en aan het eind van het jaar verdampt. In 2026 mag een ouder per kind € 6.908 belastingvrij schenken. Schenk je € 6.908 in januari, dan is het tegoed weg tot 1 januari daarna. Schenk je niets, dan is het tegoed alsnog weg. Het stapelt niet.
Daar zit de hele logica van spreiden in. Niet de hoogte van het bedrag bepaalt de belasting, maar over hoeveel kalenderjaren je het uitsmeert. Tien jaar lang € 6.908 is € 69.080 belastingvrij. Datzelfde bedrag in één jaar overgemaakt is € 69.080 min de vrijstelling, en over de rest betaalt het kind 10%.
Bovenop de jaarvrijstelling staat de eenmalig verhoogde vrijstelling: € 33.129 in 2026, mits de ontvanger tussen 18 en 40 jaar is, één keer in een leven te gebruiken. Wie die in het eerste jaar inzet en daarna jaarlijks de gewone vrijstelling benut, komt het snelst vooruit.
De rekensom, tot op de cent.
Een ouder wil € 100.000 overdragen aan één kind van 30. Twee routes.
In één keer. De eenmalig verhoogde vrijstelling van € 33.129 gaat eraf (die vervangt dat jaar de gewone vrijstelling, je mag ze niet stapelen). Belastbaar blijft € 100.000 min € 33.129 = € 66.871. Dat valt onder de eerste schijf van € 158.669, dus 10%. Schenkbelasting: € 6.687,10, te betalen door het kind, vóór 1 maart van het jaar erna.
Gespreid. Jaar één de eenmalige € 33.129. Daarna elk jaar de jaarvrijstelling van € 6.908. Na jaar tien staat de teller op € 95.301. In jaar elf maak je de resterende € 4.699 over, ruim binnen de vrijstelling. Totaal overgedragen: € 100.000. Schenkbelasting: € 0. Looptijd: elf jaar.
Het verschil is € 6.687,10, oftewel 6,7% van het hele bedrag. Voor een handeling die neerkomt op één bankoverschrijving per jaar en, bij de eenmalige vrijstelling, één aangifte.
Wat de folder weglaat.
Spreiden is geen gratis lunch. Drie dingen die zelden in hetzelfde stuk staan als het advies om te spreiden.
Een. Het geld dat je nog niet hebt geschonken, blijft van jou, en blijft dus in jouw box 3. Over die € 100.000 betaal je intussen elk jaar vermogensrendementsheffing. Wie elf jaar wacht met het laatste deel, betaalt elf jaar lang box 3-heffing over wat nog niet is overgedragen. De schenkbelasting die je bespaart, lekt deels terug via de heffing die je ondertussen doorbetaalt. Bij grote vermogens en een laag schenktempo kan dat lek aanzienlijk zijn.
Twee. Spreiden veronderstelt dat je de tijd hebt. Elf jaar is geen aanname maar een weddenschap op je eigen levensduur. Wie op zijn tachtigste begint met een elfjarenplan, rekent zich rijk. De jaarvrijstelling die niet meer benut wordt omdat het leven eerder eindigt, is verloren tegoed, en het resterende vermogen valt alsnog in de erfbelasting.
Drie. De 180-dagenregel. Een schenking gedaan binnen 180 dagen vóór het overlijden wordt fiscaal alsnog als erfenis behandeld, met één verschil: de erfvrijstelling wordt erop toegepast, niet de schenkvrijstelling. Wie op het laatste moment versneld leegschenkt om de erfbelasting te ontlopen, ontdekt dat de fiscus die laatste maanden terugrekent. Spreiden werkt alleen als strategie van de lange adem, niet als noodgreep.
Wanneer spreiden niet de moeite is.
Bij kleine vermogens. Wie één kind heeft en een vermogen waarvan het erfdeel onder de erfvrijstelling van € 26.230 blijft, bespaart met spreiden niets, want er valt sowieso geen belasting te betalen. De jaarlijkse overschrijving is dan een ritueel zonder fiscaal doel.
En bij wie het geld zelf nog kan nodig hebben. Een schenking is in beginsel onomkeerbaar. Vermogen wegschenken om belasting te besparen en vervolgens de eigen bijdrage voor zorg niet kunnen dragen, is een dure manier om goedkoop uit te zijn. Spreiden hoort te gebeuren met geld dat je mist zonder dat het je raakt.
De les in één zin.
Spreiden bespaart precies zoveel als het aantal kalenderjaren waarin je een vrijstelling benut maal het tarief dat je anders had betaald, minus de box 3-heffing die je ondertussen doorbetaalt over wat nog niet weg is. Voor de middengroep met een fors maar niet onbeperkt vermogen is dat bijna altijd positief. Maar het bedrag verschilt per situatie, en ‘spreid uw schenking’ zonder dat bedrag erbij is een advies zonder rekensom.
Reken jouw spreidingsplan door op het schenkplan: hoeveel je per jaar belastingvrij kwijt kunt, over hoeveel jaar, en wat een schenking in één keer in plaats daarvan zou kosten. Tarieven 2026.